Bas (28) voelde zich op jonge leeftijd al het zwarte schaap. Hij probeerde zich te mengen tussen de populaire jongens van de straat waar hij al gauw mee deed met het roken van joints. Begin 2017 startte hij bij Vincere voor zijn alcohol- en cocaïneverslaving. Vandaag de dag is hij 2 jaar clean van alcohol en drugs.

De geboorte
Tijdens de geboorte in het ziekenhuis in Den Bosch ging het mis. Hij had de navelstreng om zijn nekje waardoor hij zuurstof te kort kwam. Vrijwel direct moest hij de couveuse in, waar hij 3 weken heeft gelegen.

Bas vertelt: “In de beginjaren van mijn leven heeft dat meteen geresulteerd in een vrij grote achterstand. Toen ik naar school ging was ik al een vrij moeilijke leerling. Ik kon op school mijn aandacht niet bij de les houden omdat ik vaak met andere dingen bezig was.”

“Toen we in IJmuiden woonden, heb ik twee broertjes en een zusje gekregen. Eigenlijk heb ik altijd een hele fijne jeugd gehad. We hebben nooit echt heftige dingen meegemaakt. Toch had mijn achterstand heel veel invloed op mij leven. Ik moest altijd naar een speciale school waarvoor ik ’s morgens met een busje werd opgehaald. Ik kreeg altijd speciale aandacht en bijles. Ook al had ik het allemaal nodig, ik voelde me in de begin jaren van mijn leven eigenlijk al het zwarte schaap van het gezin. Ik hoorde er niet echt bij.”

“Toen ik 10 jaar oud was, zijn we naar Uden verhuisd. Ik kreeg een nieuwe school en andere vriendjes. Ik zocht mijn vrienden vooral in achterbuurten van Uden. Op de nieuwe school werd ik veel gepest, tot aan de tweede klas van de middelbare school. Vanaf toen ben ik mijzelf gaan verdedigen door me aan te sluiten bij de pestkoppen. ‘If you can’t beat them, join them!’”

Verkeerde vrienden
“Vanaf dat moment kreeg ik andere vrienden. Ik ging om met de stoere jongens die stiekem rookten en biertjes dronken na schooltijd. Eindelijk hoorde ik ergens bij en stelde ik iets voor! Ik voelde me echt goed en deed gemakkelijk met alles mee.”

“Als stage voor school ging ik samen met mijn beste vriend in de horeca werken. Dit is voor mij een gigantische stap achteruit geweest omdat ik al gauw in aanmerking kwam met drugs. Ik werkte 2 á 3 dagen per week. De kok die boven het restaurant woonde vroeg ons na het werk wel eens mee naar boven waar we dan een biertje dronken en ook wel eens een jointje rookten. Hoewel ik al gauw 3 dagen per de week jointjes rookte, had ik niet echt het gevoel dat ik verslaafd was.”

Horeca opleiding
“Na mijn middelbare school ben ik mijn passie gaan volgen en ben ik de horeca-opleiding gaan doen. Ik kon mensen blij maken en ik werd echt gewaardeerd voor het werk wat ik deed. Thuis moest ik altijd mezelf laten zien en maar blijven presteren, vooral bij mijn vader. Eigenlijk kon ik nooit iets goed doen, behalve als ik op mijn werk was. Het stukje waardering wat ik op mijn werk kreeg, miste ik thuis heel erg.”

Drugs
“Toen ik ongeveer 17 jaar oud was, begon ik mij steeds meer te verzetten tegen mijn ouders. Ik haalde steeds meer streken uit, kwam vaak nachten achter elkaar niet thuis en liet nooit weten waar ik was. In die periode ben ik in aanmerking gekomen met harddrugs.

“Het begon met MDMA op een feestje wat mij al snel helemaal van de wereld bracht. Toch dacht ik alleen maar: ‘Wow! Hier MOET ik meer van hebben. Dit is goud! Ik voelde me op mijn gemak en hoorde bij de stoere, populaire jongens die iedereen zag staan.”

“Ik heb mijn Horecadiploma gehaald en ging fulltime werken als gastheer. Al snel groeide ik door tot bedrijfsleider. Ik heb verschillende zaken gehad als bedrijfsleider om te kijken wat nu echt het beste bij mij past. Van cafés, lunchrooms en brasserieën tot zelfs sterrenrestaurants. Overal waar ik kwam was het drugsgebruik heel erg hoog, wat voor mijn prettig was want ik kon gewoon mijzelf zijn; in gebruik.”

“Toen ik een jaar of 23 was begon het uit de hand te lopen. Ik was aangenomen in een restaurant in Uden waar ik mezelf kon ontwikkelen. Ik begon vaak om 15:00 uur met werken en kwam pas om 02:00 uur in de nacht thuis om direct weer door te gaan naar een vriend of op stap te gaan tot 06:00 uur in de ochtend.”

“Ik zag mijn ouders bijna niet meer omdat zij gewoon overdag werkte. Mijn broertjes kregen steeds meer last van mij. Als er iets aan mij gevraagd werd dan was er altijd ruzie. Sinds die tijd ben ik steeds meer van het gezin af gegroeid. Op mijn 26eben ik het huis uit gegaan, naar een dorp verderop waar ik een baan aangeboden kreeg als bedrijfsleider in een restaurant. Ik huurde een klein appartementje waar het vanaf de eerste dag alleen maar draaide om werken, gebruiken en slapen.”

“Mijn hele appartement stond vol met lege wijnflessen. Elke avond was bij mij feest en lag de tafel vol met cocaïne. Totdat ik mijn gebruik eigenlijk helemaal niet meer kon betalen. Ik had bijna geen contact meer met mijn ouders. Af en toe alleen als ik een dag vrij had, ging ik naar mijn ouders om te eten en om mijn was te laten doen, zelf deed ik dat ook bijna niet meer.”

Stelen
“Om mijn gebruik te kunnen betalen heb ik veel moeten stelen. Ik verdiende te weinig om mijn hoge drugsgebruik te kunnen betalen. Elke maand kwam ik wel een paar honderd Euro te kort. Ik moest dus ergens iets vandaan halen. Als ik het niet van de straat kon halen, dan waren mijn ouders de klos.”

“Toen ik in Veghel woonde is mijn gebruik verdubbeld. Ik gebruikte alleen nog maar drank om mijzelf te verdoven en te ontspannen, om mij niet meer aan mijn problemen te laten denken. En cocaïne om mezelf nuchter en scherp te houden zodat ik wakker kon blijven. Nadat ik dit anderhalf jaar lang volgehouden had, werd ik betrapt op mijn werk. Ik nam namelijk elke avond wel twee flessen wijn mee, buiten de biertjes die ik tijdens het werk dronk. Ik nam die twee flessen wijn elke avond na het werk mee, anders kon ik niet aan mijn nodige hoeveelheden komen.”

“Ik kon aan het einde van de dag wel een kratje bier met twee flessen wijn hebben gedronken. Daarbij snoof ik dan over ook een paar gram cocaïne. Als ik nu eraan terugdenk aan wat ik per dag naar binnen heb zitten werken, vraag ik me vaak af hoe mijn lichaam dit überhaupt heeft kunnen weerstaan.”

“Natuurlijk heeft dit hoog in de cijfers gelopen. Zo verdween opeens ook niet alleen maar een fles wijn op het werk, maar nam ik ook wel eens de fooienpot mee of wat briefjes uit de kassa. Totdat mijn baas nattigheid voelde. Hij heeft camera’s opgehangen en ben ik op heterdaad betrapt.”

“Hij gaf mij de keuze dat ik zelf ontslag kon nemen of hij belde de politie. Ik heb toen per direct ontslag genomen. Maar toen had ik een vet probleem; ik had geen baan meer en mijn geld was op. Mijn ouders waren toevallig op dat moment op vakantie in Frankrijk. Ik zag de mogelijkheid om dat weekend in het huis van mijn ouders te verblijven. Zonder dat ze wisten wat er allemaal aan de hand was.”

Eerlijk zijn
“Toen ze na een week terugkwamen van vakantie, moest ik met de billen bloot. Ik vertelde ze dat ik mijn appartement niet meer kon betalen door mijn gebruik. Ik mocht gelukkig bij mijn ouders wonen. Ik heb hen eerlijk alles verteld en samen hebben we gezocht naar een kliniek. Zo ben ik eerst bij een andere instelling geweest om een ambulante behandeling te volgen. Dat is voor mij twee weken goed gegaan, totdat ik de boel weer was aan het manipuleren. Ik geloofde mijn eigen leugens. Als ik een leugen twee keer had verteld dan was dat ook écht zo in mijn beleving. Soms kreeg ik wat geld van mijn ouders, maar dan ging dat weer allemaal op aan drank.”

“Omdat die ambulante behandeling niet werkte, dacht ik dat het beter was dat ik opzoek ging naar een nieuwe baan. En die heb ik gevonden in Uden, in een groot tapas restaurant. In het begin ging dat echt super goed. Een collega woonde in een grote villa met nog enkele lege kamers. Ik besloot bij hem te gaan wonen omdat de relatie thuis toch zodanig beschadigd was door het liegen en bedriegen. Nadat ik ingetrokken was, kwam ik erachter dat die jongen ook zwaar gebruikte. Wij werkten elke avond samen en vervolgens spendeerde wij elke avond samen aan de drank en drugs. Totdat hij erg veel last ging krijgen van mijn gebruik. Ik werd steeds lakser, het kon mij allemaal niet meer schelen. Ik wist mezelf geen raad meer met mijn werk en mijn leven. Met die gedachte ben ik op een gegeven moment elke avond naar huis gegaan. Mijn collega besloot mij uit het huis te zetten.”

“Ik stond op straat maar ging toch de dag erna werken. Op het werk haalde ik dezelfde streken uit; ook in dat restaurant haalde ik de flessen wijn weg, veel meer dan dat ze ooit hebben geweten. Ik ben daar eerlijk over geweest naar hun toe, maar werd ontslagen. Op dat moment besloten ook mijn ouders, broertjes en ooms en tantes de handen van me af te trekken. Ik moest het voor het eerst zelf uitzoeken.”

Crisisopvang
“Die avond heb ik heel wat mensen op moeten bellen om te kijken of ik ergens kon slapen. Uiteindelijk kon ik via-via terecht bij een crisisopvang in Oss. Daar heb ik gelukkig twee nachten kunnen slapen. In de tussentijd hebben we contact gehad met Vincere. Ik had er na de ambulante behandeling wel een intake gehad, maar verder niets mee gedaan. Ik kreeg een telefoontje van Vincere, dat ik de volgende dag kon komen. Toen sprong ik eigenlijk wel een gat in de lucht. Ik was gigantisch blij en verdrietig tegelijk. Verdrietig omdat ik toen pas eigenlijk besefte wat ik allemaal had aangericht. Ik heb vooral mijn ouders en broertjes zoveel pijn gedaan met de dingen die ik heb uitgehaald, dat dat bijna niet meer recht te zetten valt. Ik heb hun vertrouwen echt heel erg beschadigd. Vooral bij mijn broertjes. Dat is nog steeds niet terug.”

Kliniek
“De eerste dag bij Vincere werd ik afgezet door een oude gebruikers vriend, mijn zusje en een van mijn broertjes. In de lobby namen we afscheid. En dat is het dan, dan ga je beginnen. Maar… ik was eigenlijk nog niet begonnen. Ik had voor mij nog heel veel deurtjes open gelaten. Ik kreeg drie keer per dag te eten en alles werd voor me gedaan. Net zoals bij mijn ouders toen. Er was wéér een vangnet, weer laat niemand mij op mijn bek gaan. Voor mijn gevoeld was er nog geen ‘Rock Bottom’ geweest.”

“De eerste vier weken waren voor mij een grote speeltuin. Ik nam het niet serieus. Ik lachte alleen maar alles weg, ik had een dak boven mijn hoofd en kreeg een lekker fris bedje en had een goede structuur. En dat ging goed, zonder gebruik. Ik had ‘s nachts wel wat gedachtes maar ik had nooit zucht of drang. Ik dacht: ‘Ik stop met cocaïne maar ik drink wel af en toe een borrel op een feestje.”

Terugval
“Na vier weken mocht ik naar huis, op verlof. Het eerste verlof had ik een dagverlof gepakt. Mijn broertje kwam mij ophalen. We reden terug naar huis. Op het moment dat ik de kerktoren van het dorp zag, kreeg ik ineens een enorme zweetuitbarsting over mij oksels, rug en handen. Toen mijn broertje vroeg wat er was, zei ik dat ik hevige zucht had en dat ik misschien wel terug naar de kliniek moest. Toch zei mijn broertje dat ik beter even goed kon douchen thuis. Thuis hebben we samen gezellig koffie gedronken, toen ik mijn eerste leugen alweer vertelde: ‘Ik ga straks naar twee vrienden vertellen hoe het in de kliniek was.’ Terwijl die vrienden helemaal niet in de buurt waren, die waren op vakantie.”

“Ik stapte onder de douche en ik dacht: ‘Shit! Hoe moet ik me hier nu uitlullen’? Ik heb net 4 weken geprobeerd om aan mijzelf te werken, wat ik niet echt heb gedaan maar ik kom thuis en pak meteen de eerste leugen die in mij opkomt.’

Ik ben toch het huis uit gegaan met de leugen dat ik naar mijn vrienden ging, maar ik kwam onderweg een café tegen en ik viel terug. Ik kocht meteen een biertje in het café en op dat moment stuurde mijn dealer mij toevallig een bericht, of ik zin had om langs te komen. Ik had al gedronken dus ik dacht; ‘dan kan de rest er ook nog wel bij.’”

“Ik zat bij mijn dealer op de bank maar ik voelde dat het niet goed zat. Ik heb een fella gebeld en haar alles eerlijk verteld. Ik kon niet terug naar mijn ouders. Ik kon niet weer die telleurstelling aan. Die fella zei, bel de kliniek op en ga terug! Dat heb ik gedaan. Mijn oom en tante brachten mij diezelfde avond nog terug naar Cadier en Keer, naar de kliniek.”

Nooit meer
“Eenmaal aangekomen in Cadier en Keer is bij mij echt de knop omgegaan. ‘DIT NOOIT MEER!’ Het werd al snel realistischer: ‘Vandaag niet meer’. Toen ben ik pas echt aan mijn herstel begonnen, terwijl ik nog maar 5 weken behandeling had. Ik ben heel veel gaan schrijven, ik heb me open en kwetsbaar opgesteld, ik ben serieus gaan lezen en heb met veel fellows gepraat in de kliniek. Door dit allemaal te doen viel er echt een last van mijn schouders af. Ik werd een heel ander persoon. Ik heb me altijd anders voorgedaan om erbij te horen. Ik was nooit mezelf maar door mij toch open en bloot te stellen hoefde ik mij niet meer anders voor te doen, dan wie ik echt was. Hoewel ik mezelf toch nog waardeloos en mislukt voelde, vonden andere mensen in de kliniek ‘de echte Bas’ ook leuk, vriendelijk en kwetsbaar. Ik merkte dat ik steeds meer herkenning zag in de verhalen van de fellows en zij in mijn verhalen. Het voelde als een stukje verbondenheid.”

“Ik heb heel hard aan mijn zelfvertrouwen moeten werken. Ik vond het altijd moeilijk dat ik gepest werd omdat ik altijd te dun was, flaporen had en moedervlekken in mijn gezicht had. Ik deed samen met de fellows en behandelaren veel opdrachten om hieraan te werken. Sommige opdrachten doe ik nog steeds. Zo vertel ik mezelf al twee jaar lang, elke dag ik er mag zijn, dat ik er goed uitzie zoals ik er nu uitzie en dat ik vandaag niet hoef te gebruiken.”

Nazorg
“Ik was heel angstig toen ik uit de kliniek kwam. Gelukkig kreeg ik voor vier en een halve maand nazorg in Texel. Door mijn terugval, waren de 4 weken intensieve behandeling bij Vincere te weinig om er echt alles uit te kunnen halen. In het begin moest ik enorm wennen aan de rust in Texel maar door de lange wandelingen die wij daar hebben gemaakt, heb ik mezelf teruggevonden. Ik heb daar zoveel na kunnen denken waardoor ik in de eerste weken veel schuldgevoel heb gehad. Gelukkig mocht ik die gedachtes en gevoelens delen met de fellows en behandelaren. Ik heb geleerd dat het oké is dat bepaalde gevoelens niet fijn zijn, maar dat ze er wel zijn en dat hou je niet tegen.”

NA meetings
“Tijdens de behandeling bij Vincere hoorde ik vaker van NA meeting. Terwijl ik op Texel zat, heb ik besloten om in de weekenden thuis, naar meetings te gaan. Alles wat ik daar leerde, deelde ik met de groepsgenoten op Texel. Mij heeft hebben de NA meetings enorm geholpen door mij te verbinden met nieuwe mensen en andere mensen te leren kennen die niet direct een oordeel over mij klaar hebben. Tot op de dag vandaag nog steeds, als ik op de meeting kom, voel ik me thuiskomen.” 

“Ongeveer een jaar geleden ben ik bij Sligro gaan werken, op de visafdeling. Horeca is en blijft mijn passie maar het echte horecaleven wilde ik niet meer, dat was gewoon te gevaarlijk voor een terugval.”

Horecapassie
“In het begin van dit jaar, kwamen vrienden van mijn ouders, eigenaren van een ijssalon in Uden langs. Zij waren al een tijdje opzoek naar een vaste medewerker en hadden mij in het vizier maar durfden het niet aan, gezien mijn verslaving. Totdat ze me afgelopen maart 2019 benaderden. Ik heb heel lang na moeten denken maar heb besloten het toch te gaan doen. Gelukkig heb ik hele mooie voorwaarden gekregen, zodat ik altijd aan mijn herstel kan werken.  Zo kan ik bijvoorbeeld naar meetings gaan wanneer ik dat nodig heb, ook als ik dan zou moeten werken. Binnenkort word ik de Barista van de ijssalon en we willen het koffieassortiment gaan uitbreiden. Ze weten dat ik de alcoholische koffies, het Licor 43- en Limoncello ijs nooit zal proeven.”

“Ik ben heel blij met de kans dat ik kan doen wat ik heel erg leuk vind.”

Relaties
“Terwijl ik in Texel zat hebben mijn ouders besloten te gaan scheiden. Ik heb daar zelf eigenlijk nooit last van gehad. Misschien heb ik ooit wel geweten dat dit ging gebeuren. Door de scheiding en mijn herstel is de band met mijn vader enorm verbeterd.

De relatie met mijn broertjes is nog steeds niet top. Ergens vertrouwen ze me misschien wel wat meer maar ik denk dat zij het meeste last hebben gehad van zowel de scheiding van onze ouders als mijn herstel. Toen ik in Texel was, heb ik keihard aan onze relatie proberen te werken. Zo heb ik zelfs schadebrieven geschreven. Hier heb ik tot de dag van vandaag nooit iets op teruggekregen. Ik heb ze er wel eens op aangesproken en dan zeggen ze wel dat ze de brief fijn vonden, maar inhoudelijk heb ik nooit antwoorden gehad.”

“Ik ben blij met de kans die ik gekregen heb om toch mijn horecapassie achterna te gaan. Ik hoop ooit zelf een horecaonderneming te kunnen starten waarbij ik kan blijven werken aan mijn herstel. Werken aan mijn herstel met mijn sponsors en fellows is altijd nodig om clean en sober te blijven. Vandaag kies ik ervoor om niet te gebruiken.”

 

Het verhaal van Karima

Het verhaal van Karima

Hoewel ze er zelf niet bewust van was dat ze een verslaving had, heeft de familie van Karima haar ogen geopend. Op 4 augustus 2017 is ze haar klinische behandeling in Cadier en Keer gestart waardoor ze tot op de dag van vandaag clean is van alcohol en...

Het verhaal van Kate

Het verhaal van Kate

“Tot het moment dat ik een door en door triest gevoel door mijn maag voelde. Ik stond op de splitsing; of ik ga dood of ik kies voor mijn leven.” Vandaag de dag is Kate 5,5 jaar clean en vertelt ze haar herstelverhaal aan de cliënten in de kliniek van...

Contactformulier

Starten met een behandeling?

Wil je breken met je verslaving? Neem dan contact op voor een intakegesprek. Tijdens dit gesprek bekijken wij hoe wij je het beste kunnen helpen. Wij bieden namelijk altijd behandelingen op maat aan. Zo hebben we voor iedereen de juiste aanpak.